Mijn portefeuille

Bekijk uw portefeuille bij Stroeve Lemberger of uw depotbank

load content...

load content...

Tijdelijk hogere inflatie en producentenprijzen

Tijdelijk hogere inflatie en producentenprijzen

In 2021 ondervonden veel producenten duidelijk de naweeën van de coronacrisis. In veel sectoren traden haperingen in de productie op vanwege tekorten aan onderdelen.

Dit was het gevolg van de door de pandemie verstoorde toeleveringsketens.

In de auto-industrie leidde het tekort aan halfgeleiders, chips en sensoren zelfs tot een tijdelijke sluiting van fabrieken. De prijzen van grondstoffen en halffabricaten zijn in 2021 wereldwijd sterk gestegen. In veel landen stegen in 2021 ook de consumentenprijsindexcijfers naar hogere niveaus, hoewel die veelal wel lager bleven dan de producentenprijsindexcijfers. In november bleek dat in de VS de consumentenprijzen in oktober 2021 boven verwachting met 6,2% waren gestegen ten opzichte van 2020.

Dit was het hoogste inflatiecijfer van de afgelopen 30 jaar. De kerninflatie (inflatie exclusief de componenten voeding en energie) lag wel wat lager, maar kwam met 4,6% ook tamelijk hoog uit. In de eurozone bedroeg de inflatie in oktober 4,1% en lag de kerninflatie met 2,0% op een beduidend lager niveau.

De boodschap van veel centrale banken is nog steeds dat de hoge inflatiecijfers van voorbijgaande aard zijn. Zij wijzen op onderliggende oorzaken die met name betrekking hebben op logistieke problemen van grondstoffen, halffabricaten en onderdelen. Deze logistieke problemen lijken het komende jaar af te nemen, al zie we de levertijden van veel goederen nog steeds oplopen. Wereldwijd kampen havens met problemen in de verwerking en distributie van containers. Maar ook een uitgebreidere analyse van de samenstelling van de prijsindexcijfers, zoals de prijzen van tweedehands auto’s, duidt niet op een structureel hogere inflatie. Dat neemt niet weg dat de inflatie eerst nog wel wat verder kan oplopen. Voor hout en ijzererts zijn de prijzen inmiddels al weer sterk gedaald door meer aanbod en afgenomen vraag.

Dit laat zien dat producentenprijzen weer snel kunnen dalen als de aanbodbelemmeringen achter de rug zijn. Producentenprijzen zijn veel volatieler dan consumentenprijzen. Voor veel goederen is de doorwerking van producentenprijzen naar consumentenprijzen in het verleden gering gebleken.

Inflatie zal op korte termijn hoog blijven maar zwakt op middellange termijn af

In de VS en de eurozone ligt de bezettingsgraad in de industrie nog niet op een niveau dat op oververhitting duidt. Ondanks de arbeidsmarktfricties die in bepaalde sectoren zich voordoen, zijn er vooralsnog geen sterke aanwijzingen voor het op gang komen van een algemene loonprijsspiraal. De centrale banken zien daarom nog geen directe noodzaak om op de rem te trappen met hogere geldmarkttarieven om de inflatie te beteugelen. Volgens de laatste raming verwacht de Federal Reserve, het Amerikaanse stelsel van centrale banken, dat de inflatie in de VS gemiddeld zal toenemen van 1,2% in 2020 naar 4,2% in 2021. Voor de jaren erna wordt gerekend op een daling. Daarbij gaat de Fed overigens niet af op de CPI-cijfers, maar op het PCE-cijfer. Dit is het prijspeil van de consumptieve uitgaven. Fed-president Jerome Powell heeft overigens steeds gezegd niet alleen op de inflatiecijfers te letten, maar ook op de arbeidsmarktontwikkelingen in de VS. We mogen de hogere inflatiecijfers over 2021 niet direct extrapoleren naar 2022 en 2023, omdat in 2021 vaak sprake was van statistische basiseffecten van herstel na de vraaguitval van 2020.

Bij Stroeve Lemberger zien we een verder oplopende inflatie en een stijgende kapitaalmarktrente nadrukkelijk als een risicofactor. De komende maanden zullen er hoge inflatiecijfers worden gerapporteerd, maar wij verwachten niet dat de stijging van de inflatie uit de hand zal lopen.

Amerikaanse bezettingsgraad

Bron: Bloomberg, Federal Reserve

Op grond van de notulen van de Fed én de stemmingen van de deelnemers aan beleidsbepalende Fed-vergaderingen werd een eerste renteverhoging niet eerder dan medio 2022 verwacht. De beleidsrente voor de geldmarkt, de Federal Funds Rate, ligt sinds het begin van de coronacrisis in maart 2020 tussen de 0,0 en 0,25%. De Fed heeft in november 2021 wel al een begin gemaakt met de afbouw van het aankoopprogramma van obligaties. Die afbouw, in het economenjargon aangeduid als ‘tapering’, zal voortduren tot medio 2022.

Wij verwachten een normalisatie van de prijsstijgingen waarbij de aanbodbeperkte componenten van de Amerikaanse inflatiecijfers van een extra impuls zullen omslaan in een vertragende factor voor de inflatie.

Bron: US Bureau of Economic Analysis, Goldman Sachs Investment Research. Schaal is in basispunten.

Het beleid van de Europese Centrale Bank volgt het beleid van de Fed met enige vertraging. De netto-aankopen onder het aankoopprogramma van obligaties bedragen maandelijks $ 20 miljard. Daarnaast heeft de ECB ook nog het speciale corona- opkoopprogramma PEPP. Dit programma heeft een omvang van $ 1.850 miljard en zal ten minste tot het einde van maart 2022 worden uitgevoerd. Daarmee wordt de kapitaalmarktrente, de rente op obligaties, onder druk gehouden zodat gezinnen, bedrijven en overheden tegen gunstige tarieven kunnen blijven lenen.

De officiële geldmarktrentetarieven van de ECB voor diverse transacties met banken in de eurozone blijven voorlopig onveranderd op respectievelijk 0,00%, 0,25% en -0,50%. Ook de ECB ziet de inflatie oplopen, maar de centrale bank streeft naar een stabilisering van de inflatie op 2,0% op middellange termijn.

Dit kan volgens ECB-president Christine Lagarde ook betekenen dat de inflatie gedurende een overgangsperiode gematigd boven de doelstelling uitkomt. Hoewel de geldmarktrente door de Fed en de ECB niet in snel tempo verhoogd zal worden, moet de komende jaren toch wel rekening worden gehouden met een ‘normalisering’ van de rentecondities en dat betekent ook voor de centrale banken onvermijdelijk een verhoging van de beleidsrente.

Eurogebied, inflatie en de componenten. Procentuele jaarmutaties, c.q. bijdragen

Bron: Eurostat